Natura 2000

In Noord-Holland liggen dertien Natura 2000-gebieden die horen bij het Europese netwerk van belangrijke natuurgebieden. De Europese Unie wil met dit netwerk planten en dieren beschermen. De Natura 2000-gebieden zijn beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn.
Om de natuur in de Natura 2000-gebieden te beschermen zijn doelen opgesteld. De provincie moet maatregelen nemen om deze doelen te bereiken en vervolgens onderzoeken (PNI) of de doelen ook werkelijk gehaald zijn. De provincie rapporteert daarover aan het Rijk. Landschap Noord-Holland ondersteunt de provincie met onderzoeksgegevens, analyses en advies.

Voorbeelden van het werk van Landschap Noord-Holland:

• Natura 2000 atlassen. Deze atlassen beschrijven plant- en diersoorten en habitattypen die in de Natura 2000-gebieden voorkomen.
• Onderzoek naar de Noordse woelmuis door het pluizen van kerkuilbraakballen.
• Habitattypen. Landschap Noord-Holland maakt habitattypenkaarten samen met het Ministerie van EZ.
• In kaart brengen van belangrijke Vogelrichtlijngebieden buiten de Natura 2000-gebieden. Dit t.b.v. vergunningverlening.
• Bedenken van methoden om dier- en plantpopulaties te kunnen volgen.
• Het tellen van typische plant- of diersoorten die iets zeggen over de kwaliteit van habitattypen.
• Het onderzoeken van de kwaliteit van habitattypen.
• Vertalen van landelijke gegevens over de leefgebieden van Habitatrichtlijnsoorten naar de provinciale situatie.

Provincie Noord-Holland gebruikt de PNI-gegevens van Landschap Noord-Holland voor gebiedsanalyses in het kader van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS), opstellen van beheerplannen, het uitwerken van een provinciaal monitoringsprogramma, vergunningverlening, ingediende zienswijzen en evaluatie van instandhoudingsdoelen.