Terugblik weidevogelseizoen 2021

grutto
© Nature in Stock / Krijn Trimbos

Geen slecht jaar voor de weidevogels, al had de kievit het moeilijk

Door: Monica Wesseling

Het oogde zo sneu, die weidevogels met hun kleine, kwetsbare kuikens in dat koude, druilerige lenteweer. Sneu en verontrustend. Kwam dat wel goed? Ja! Dat kwam goed. Want juist dat koude natte voorjaar zorgde ervoor dat er voldoende voedsel was voor de volwassen dieren en dat de jongen, vaak die van de tweede legsels, de insecten makkelijk konden vinden in het korte gras. Het ging goed, maar lang niet overal en niet met alle soorten weidevogels. De kievit bijvoorbeeld had het knap moeilijk. Maar over het algemeen werden dit jaar meer kuikens vliegvlug dan de voorgaande jaren. En dat is goed nieuws want de weidevogels zitten al jaren behoorlijk in de knel.

Laten we maar eens een rondje maken langs onze beheerders én de coördinator van de honderden vrijwilligers die bij de boeren aan vrijwillige weidevogelbescherming doen.

Precies op tijd

In de weidevogelgebieden van het Landschap in Westfriesland hadden vooral de grutto en tureluur een puik jaar vertelt Roelf Hovinga, beheerder van Balgzand en de gebieden in Westfriesland. “Er waren juist voldoende insecten tegen de tijd dat de jongen op zoek gingen naar insecten. Niet dat het met alle nesten goed ging. De aller vroegste mislukten vaak door gebrek aan kuikenvoedsel, maar de latere (tweede) legsels ging het juist prima.” De scholekster bleef – in elk geval in de Westfriese natuurreservaten - ongeveer gelijk; de kievit had duidelijk wel problemen, “Kieviten broeden als eerste en ik denk dat de kou en nattigheid de kwetsbare kuikens toch parten heeft gespeeld. En hoewel de kieviten grotendeels het nog eens hebben geprobeerd en opnieuw zijn gaan leggen, is het uiteindelijk broedresultaat niet best. Jammer, want de kievit doet het al jaren slecht”.

Roelf is, net als zijn collega-beheerders, wel bezorgd over de grote invloed van de vos: “Een groot probleem. Het zijn er steeds meer en ze zijn sluw. Elektrische rasters werken niet altijd afdoende.  Daar waar er veel vossen zijn, ontkom je niet aan verdergaande maatregelen. Anders komt er echt niets van je weidevogels terecht.”  

Bizar

Zijn collega-beheerder van onder meer de Eilandspolder, het Limmerdie, het Ilperveld en de Uitgeesterbroekpolder, Chris Rost, spreekt van een ‘bizar’ seizoen. “Ik doe dit werk al twintig jaar, maar heb nog nooit eerder meegemaakt dat er in juli nog grutto-kuikens rondliepen. Normaliter zijn die allang op de vleugels en vertrokken uit het broedgebied. Blijkbaar hebben veel grutto’s met broeden gewacht of zijn, nadat hun eerste legsel mislukte, gewoon nog een keer opnieuw begonnen.”

Om het klein grut voldoende tijd te geven om veilig op te groeien, kregen de pachters (boeren) niet op 15 juni maar twee weken later toestemming om te maaien. Toen regende het, kon er niet worden gemaaid zodat de kuikens nog meer tijd hadden. Al met al verging het de meeste weidevogels heel aardig. “Maar ja; uitgaande van een heel beroerde situatie is een klein beetje beter al snel heel goed. “

In de Hempolder zat het groeiend aantal ganzen de weidevogels dwars. “Vroeger was dit een van onze topgebieden maar nu niet meer. De ganzen grazen het gras zó kort waardoor het de weidevogels te weinig dekking bood.”

We hebben het over weidevogels, maar Chris is te enthousiast om het niet te vertellen; “Er vlogen in het Ilperveld zilveren maantjes (superzeldzame vlindertjes). Al zeker 20 jaar hier niet meer gezien!”

Bij de boeren

Op het boerenland is de achteruitgang van de weidevogels ondanks het gunstige voorjaar niet omgezet in een opgaande lijn, constateert coördinator vrijwilligers Wim Tijsen met spijt in zijn stem. Alleen de grutto springt er positief uit met 8% meer nesten en redelijk goed broedsucces. Gemiddeld genomen hebben de 800 vrijwilligers 10% minder kievitsnesten, 10% minder scholeksternesten en 4% minder tureluurnesten gevonden en beschermd. Het eiland Marken sprong eruit; hier deden de weidevogels het als elk jaar juist heel goed, net als in de Bovenkerkpolder. Over Oterleek en Texel kan hij evenmin klagen, waarbij het late maaien flink heeft geholpen. Al met al noemt hij het een aardig seizoen, ook al is zo ongeveer 18% van de nesten opgevreten. “Onze vrijwilligers sporen de nesten op en markeren ze; de ‘weidevogelboeren’ maaien, bewerken en beweiden eromheen. Iedereen doet zijn best, maar het valt niet mee de weidevogels te redden. Graag nog drie natte voorjaren om de populaties weer op te krikken! 

Bevlogen beschermer

Een van de boeren die aan vrijwillige weidevogelbescherming doet is Dennis Smit in de Mijzenpolder in Ursem. Een bevlogen man. Bij alles dat hij doet, denkt hij aan de vogels, zo blijkt wel als we hem tussen het hooien door spreken. Zo maait hij de percelen met veel nesten niet tot alle kuikens zijn uitgevlogen. Door een uitgekiend systeem van stukken wel of niet beweiden en maaien vinden de oude en jonge vogels het hele seizoen door gras op de juiste lengte en met het juiste voedsel. Lang en vol wormen en andere bodemdieren voor de volwassen vogels, kort en insectenrijk voor de kuikens. De kievit wil juist heel kort gras dus dat krijgt hij. Als de weidevogels aankomen vanuit het zuiden eten en rusten ze graag op grasland waarop een laagje water staat. En ja, ook daarvoor wordt gezorgd. Een gouden boer, die Dennis.

Weidevogelboer Dennis Smit: “Die weidevogels zijn als je kinderen. Je moet er goed voor zorgen.”

Cover M3 2021

Maak gratis kennis met ons magazine

Ben je liefhebber van natuur? Dan mag je ons magazine niet missen. Met de mooiste natuurfoto's, opvallende weetjes over dieren én verrassende achtergrondverhalen uit het veld. Inclusief fiets- of wandelroute. 

Naar boven